Marian en Max zijn even weg

Geen natie van migranten - of toch

Vanuit Europa ben je enigszins genegd om Nieuw Zeeland te zien als een natie van immigranten (vooral uit Europa) die de oorspronkelijke bevolking verdrongen hebben - fysiek en sociaal. Vergelijkbaar met de beide Amerika's, en Australie. Althans, dat was in grote lijnen ons beeld. En dat beeld klopt niet. Of, beter gezegd, het ligt heel wat ingewikkelder. 

Een van de eerste dingen die ons opvielen was dat de Maori in Auckland aanweziger -in aantal in in uitstraling- waren dan de Aboriginal in Australische steden of de Indianen in Amerikaanse. Voorzover wij dat konden zien natuurlijk - deels afgaand op wat we aanzagen en -zien voor typerende fysieke kenmerken.

Vervolgens reden we naar het noorden, en kwamen we heel veel stadjes en dorpen tegen met Maori of Polynesisch aandoende namen (Te Hana, Whitianga, Kawakawa en dergelijke). Waarbij ons in dat laatste stadje weer opviel dat de Maori er duidelijk in de meerderheid waren, en dat het nogal arm leek (de door Hundertwasser, die er de laatste jaren van zijn leven woonde, ontworpen openbare toiletten zijn duidelijk geen toeristische attractie die welvaart brengt).

Tot zover waren dat wat waarnemingen. In Russell, ons eerste verblijf buiten Auckland, werden we wat meer aan het denken gezet. In de eerste plaats doordat we daar in de videocollectie van onze gastvrouwen de film Whale Rider vonden, waarvan we vonden dat we die nu toch maar eens moesten zien. Deze film kun je nogal uiteenlopend beoordelen. Als een sprookje, als een verhaal over generatieconflicteen, als een weergave van (strijd rond) emancipatie van vrouwen, als een introductie in Maori-cultuur. En je kunt hem ook zien als een bevestiging van het beeld wat we hadden van de Maori, als de verdrukte oorspronkelijke (nou ja, ooit ook als immigranten gekomen) bevolking die een uiteindelijk tot mislukken gedoemde strijd voert om de eigen cultuur en stamverbanden te behouden. Maar hoe je hem ook ziet, hij geeft geen simpel en eenduidig beeld.

Wat ons verder aan het denken zette, was een bezoek -op aandringen van onze gastvrouwen- aan de Witiangi Treaty Grounds: de geboorteplaats van Nieuw Zeeland als een natie, nu zo'n 170 jaar geleden. Het verhaal dat we daar zagen was er een van welbegrepen eigenbelang en wederzijds respect aan de kant van zowel Maori als Europese (en Australische) immigranten, een sturende rol van kerk en staat, visionaire individuen, vergeten goede bedoelingen en een bereidheid aan beide kanten om via een lang en ingewikkeld proces van overleg te komen tot herstel van aangedaan onrecht.

Het welbegrepen eigenbelang zat er, zo zagen wij het, vooral in dat de eerste ontdekkingsreizigers en gelukzoekende migranten (net als de Maori oorspronkelijk) sterk in de minderheid waren, en de Maori nodig hadden om aan eten en water te komen. De Maori waren enerzijds ingesteld op strijd (verdediging tegen indringers, waaronder ook andere Maori stammen) maar ook op handel - dus dat sloot op elkaar aan. Vervolgens leidde die handel er wel toe dat de verhoudingen tussen de Maori verstoord werden, en dat de onderlinge stammenstrijden veel meer slachtoffers eisten (in plaats van met stokken, werd er nu met vuurwapens gevochten).

De kerk, of in elk geval een groep geestelijken uit Australie, speelde een rol door de Maori te zien als een volk dat geluk (in de vom van het christendom) gebracht moest worden. Er kwamen dus missionarissen, en die brachten Europese cultuur mee die in elk geval ten dele werd aanvaard, zonder dat de Maori hun eigen cultuur opgaven. Maori gingen ook naar Australie en Europa om de (handels)banden te versterken.De (Engelse) staat zag in de loop van de 19e eeuw een rol, omdat Nieuw-Zeeland te veel een toevluchtsoord werd voor mensen die zich aan het gezag van die staat (ook in Australie) onttrokken. En er was de dreiging dat Frankrijk zijn  invloed uitbreidde. In deze situatie ontstond bij de meerderheid van de Maori de behoefte aan een verenigend en beschermend gezag (een Hobbesiaans besef), en bij de Engelsen de bereidheid dat te bieden. Er volgden onderhandeling, en er werd een verdrag opgesteld. Of eigenlijk twee: een exemplaar in het Engels en een in het Maori. Die laatste was een vertaling, maar week op een aantal cruciale punten (bv. eigendom van het land en de soevereiniteit van de Maori t.o.v. de Engelse vorst) af van de Engelse tekst - vooral omdat sommige begrippen niet goed vertaald konden worden. De verschillende Maori-stammen tekenden in de loop der jaren vooral de Maori-tekst, voor de Engelsen was de Engelse tekst het uitgangspunt.

Ondanks de verschillen, waren beide teksten in zoverre gelijk dat het de bedoeling was dat Maori en immigranten gelijkwaardig zouden zijn, en dat bezit en cultur van de Maori gerespecteerd zouden worden. Voor veel immigranten die later kwamen, was dat echter onbekend, of niet meer dan een dode letter. Bij elkaar leidde dat tot een tweederangspositie voor de Maori, zowel economisch als cultureel. Tegelijkertijd deden de Maori wel volop mee in een aantal aspecten van de nieuwe natie, zoals het leger (er vochten hele eenheden Maori mee in de Eerste Wereldoorlog). 

In de loop van de jaren ontstond er bij de Maori wel wrevel (in de tweede helft van de19e eeuw was er zelfs een aantal stevige gewapende conflicten met de Engelsen) maar het was pas in de jaren '70 van de twintigste eeuw dat de protesten leidden tot het instellen van en gezamenlijke (Maori en Nieuw-Zeelandse / Engelse staat) commisie die in kaart moest brengen waar het was misgegaan, wat er was misgegaan en hoe dat onrecht hersteld kon worden. Dat heeft er onder andere toe geleid dat Maori financieel zijn gecompenseerd (en niet zuinig, maar wel op een manier dat het overgedragen vermogen economisch goed rendeerde) en dat de Engelse koningin officieel heeft erkend dat er fouten waren gemaakt - waarvoor ze ook excuses heeft aangeboden, die werden aanvaard. Interessant dat dat hier wel kan, en dat er tegen een vergelijkbaar gebaar rond het Nederlandse slavernijverleden zoveel bezwaren worden opgeworpen.

Maar ook met deze historische kennis blijft het beeld ingewikkeld. We zagen inmiddels ook de film "Once were wariors", die een beeld laat zien van een veel rauwer werkelijkheid, waarbij Maori die uit hun "eigen" omgeving naar de steden trekken, in een sociale onderlaag terecht komen. We zagen veel dorpen en dorpjes waarvan we begrepen dat ze vooral door Maori bewoond werden, en die er bepaald niet welvarend uitzagen. Maar dat laatste geldt eigenlijk voor heel wat plaatsen waar we kwamen: je ziet eigenlijk in alle wat grotere plaatsen dat er in de winkelgebieden in de centra veel leegstand is, en dat er over het algemeen veel winkels zijn waarvan je het idee hebt dat ze een marginaal bestaan leiden. 

We zagen tegelijkertijd dat de Maori op allerlei toeristisch interessante plaatsen de exploitanten zijn. In Rotorua, bjvoorbeeld, zijn de warme bronnen, modderbaden en geysers alleen toegankelijk via een Maori dorp of een Maori bezoekerscentrum. 

Nou ja, je kunt niet verwachten dat je in een paar weken begrijpt hoe een samenleving in elkaar zit - we zijn er zelfs niet zeker van dat we helemaal begrijpen hoe het met de Nederlandse zit. Maar die lijkt in elk geval een stuk meer bezig met het telkens maar benoemen van problemen rond migratie en multiculturaliteit dan met het zoeken naar oplossingen. En daarin valt wellicht wat van Nieuw-Zeeland te leren - misschien wel vooral dat het heel lang kan duren, maar dat je er in elk geval niet komt als je er niet samen aan begint.   

Reacties

Reacties

Milene

Mooi en interessant stuk weer.

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!