Marian en Max zijn even weg

De cirkel gesloten

We zijn weer thuis, dus het is hoog tijd deze reeks verslagen af te ronden.

De wijnproeverij bij Cantina Col Dovigo vormde het laatste onderdeel van de wijnreis door Noord-Italië, maar nog niet van onze vakantie. Sterker nog, we begonnen de dag erna niet aan de terugreis, maar aan een sentimental journey. Of, iets preciezer, een weekje oud en nieuw. Oud in de zin dat we 40 jaar geleden al eens in Ljubljana, onze volgende stop, waren, en nieuw dat we vervolgens een paar dagen verbleven in Graz, waaraan we nog niet eerder een bezoek brachten.

Ljubljana kenden we nauwelijks terug. Was het destijds een wat slaperig provinciestadje in Joegoslavië dat naast de markt, een wat vervallen burcht en een paar restaurants weinig te bieden had, als hoofdstad van Slovenië en voormalige culturele hoofdstad van Europa was het inmiddels een levendige, enigszins kosmopolitische studentenstad geworden die duidelijk ook veel toeristen trekt -althans, afgaande op de busladingen Aziaten, de vele terrasjes en het door velen heel redelijk beheerste Engels.

We verbleven er twee nachten in een via Airbnb gehuurde flat in een redelijk nieuw complex net buiten het centrum, met aan de ene kant uitzicht op twee supermarkten met bijbehorende parkeerterreinen en aan de andere op de rivier en een mooi beboste heuvel. Toen we aankwamen schrikte het uiterlijk van de flatgebouwen en de omgeving ons een beetje af, maar die omgeving was uiteindelijk heel rustig en vriendelijk, en ons appartement bleek heel aangenaam. Het lag op de derde etage, op een hoek, had dus aan twee zijden (veel) glas en twee balkons, was opmerkelijk ruim en heel prettig en praktisch ingericht.

Het kwartiertje wandelen naar het centrum bleek geen beletsel, dus hebben we de eerste avond daar in restaurant Most gegeten. Culinair geen must, maar de ober sloot ons in zijn hart toen we probeerden een paar gerechten op de kaart in het Sloveens uit te spreken. “I love your accent,” was zijn reactie – wat wij natuurlijk tot zijn aanvankelijke verbazing en vervolgens grote plezier aan hem teruggaven toen hij ons bij het weggaan een “guden aivond” wenste.

De ene hele dag dat we in Ljubljana waren, hebben we gebruikt om een beetje rond te kijken op de markt en in de winkelstraten, een bezoekje te brengen aan het kasteel en vis te eten op een terrasje. Geen bijzondere dingen dus, maar wel een heel prettige manier om de vitaliteit van de stad te voelen – de gerichtheid op de toekomst, om maar even terug te grijpen op onze vorige blog. Het is waarschijnlijk niet te veel gezegd dat je op dit soort plekken ervaart wat het betekent te leven in een ruimte van vrijheid, veiligheid en recht.

Van Ljubljana naar Graz is maar een uur of drie rijden, dus we hadden alle tijd om voor de lunch even te stoppen in Maribor. Geen bijzonder interessante plaats, zo te zien. Wel een universiteitsstad met een oude kern, maar niet de levendigheid van Ljubljana. Maar misschien lag dat er ook aan dat het weer wat minder mooi was.

De rest van de tocht ging (weer) door mooi landschap en over rustige (snel)wegen, tot we in de buurt van Graz kwamen. Eerst leek het erop dat de stad leegliep, zo druk was het op de andere baan, maar bij het verlaten van de snelweg bleek dat er ook mensen de stad in wilden: de vier, vijf kilometer tot aan het centrum waren een grote file. En het laatste stuk tot ons appartement was extra lastig, vanwege de voetgangerszone en extra afzettingen.

Ons appartement (ook via Airbnb) was redelijk groot, en redelijk mooi maar enigszins spaarzaam ingericht. Typisch de woning van een jonge man alleen, vonden we. Ook hier lag het aan de rivier, maar nu midden in het centrum, en aan een doorgaande weg. Zoiets heeft nadelen, zoals het verkeersgeluid van de vroege ochtend tot de late avond, en de discodreun, gelukkig maar tot 10 uur ’s avonds, van een soort festival op de andere oever. Maar het voordeel is natuurlijk dat je overal dichtbij zit.

Graz is wat bedaagder dan Ljubljana. Veel mensen, ook, maar zo te zien wat minder buitenlandse toeristen – hoewel, de Aziaten waren ook hier ruim aanwezig. Gemiddeld wat ouder ook, maar misschien is dat wel een vertekende waarneming omdat de jongeren aan de andere kant van de rivier bezig waren met dat festival, de Lendwirbel. Maar hoe dan ook: rustiger, een beetje chiquer. De gebouwen zijn ook anders. Zijn ze in Ljubljana grotendeels van een bescheiden schaal, in Graz staan enorme stadspaleizen uit de Barok en Rococo – en daartussen een opvallende blauwe “blob”, het uit 2003 stammende Kunsthaus. Volstrekt vergelijkbaar is de in de binnenstad op een heuvel gelegen burcht (die je ook nog eens in beide steden met een kabelspoortje kunt bereiken), zij het dat die in Ljubljana beter bewaard is gebleven / gerestaureerd, terwijl het in Graz meer een park is geworden met hier en daar een stukje muur. En dat je er in Graz ook de Grazers zelf treft.

Culinair leverde Graz in zoverre een teleurstelling op dat we de fout maakten om in een Gasthaus vlak bij ons appartement een Wienerschnitzel te bestellen. Die bleek gefrituurd, en daardoor niet te onderscheiden van een te hard gebakken kipnugget (niet dat we ons kunnen herinneren die ooit gegeten te hebben, maar je maakt je er weleens een voorstelling van). Nou ja, we hebben het de dagen erna goed gemaakt – en de wijnen waren sowieso niet slecht.

De Lendwirbel, die we overigens maar kort bezochten, bleek een meerdaags festival, georganiseerd door “einem sich ständig verändernden sozialen Netzwerk von Menschen mit dem gemeinsamen Anliegen, den städtischen Raum zu nutzen und dadurch Teil einer öffentlichen Auseinandersetzung zu sein.” Laten we het zo zeggen: mensen proberen gedurende een week door het organiseren van een feest (lees: optredens van DJ’s), kunstuitingen (lees: bouwsels, straattekeningen, optredens en een fotoproject waaraan we zelf medewerking verleenden) en discussiebijeenkomsten de openbare ruimte te ontworstelen aan de commercie en terug te geven aan de mensen. “Es geht um die Frage: Wie wollen wir in unserer Stadt leben und wie kann das Zusammenleben bestmöglich funktionieren?,” schrijven ze op hun site. En dan is het natuurlijk een toppunt van ironie om op hun Facebook-pagina de klacht te lezen van een buurtbewoonster, die de herrie en de stank van de frituur zo zat is en zich afvraagt of iemand ook aan de bewoners denkt: “Die Geräusch- und Geruchsbelästigung ist mir zuviel. Und vielen anderen Anrainern auch. Denkt hier jemand auch an die???”.

Er is veel wat we niet gezien hebben in en rond deze steden, maar uiteindelijk moesten we toch weer de auto in voor de terugreis. En ook die leverde wat jeugdsentiment op: na prachtige, rustige snelwegen door Oostenrijk (wel enorme einden door tunnels, dus het uitzicht valt wat tegen) kwamen we in Duitsland op autobahnen waar op veel plaatsen broodnodig onderhoud en verbreding plaatsvond, met kilometerslange files tot gevolg. En dan niet zo dat je een paar minuten stapvoets rijdt, maar gewoon een uur lang stil staan.

Overnachten deden we de eerste nacht in een pensionnetje in Falkenstein, in het Bayerische Wald, waar we ook nog even een wandelingetje maakten in het park rond het (natuurlijk op een heuvel gelegen) slot, dat nog opmerkelijk werd toen we ons op een gegeven ogenblik door zeer smalle rotsspleten moesten wringen en steile ladders moesten beklimmen.

De laatste nacht verbleven we, en daarmee was de cirkel enigszins gesloten, in een tot luxehotel en wellness-centrum omgebouwde hoeve die omgeven was door een golfterrein. En om de cirkel echt rond te maken raakte ons navigatiesysteem de volgende ochtend geheel van slag toen het ons eerst afried om de snelweg op te gaan omdat daar een enorme file stond vanwege een ongeluk, en vervolgens twee alternatieve wegen bleken afgesloten vanwege onderhoud. Een situatie waaruit we werden gered door een vriendelijke Duitser die ons aansprak bij een tankstation en ons suggereerde achter hem aan te rijden, want hij moet toch naar een stadje net voorbij het afgesloten deel van de snelweg. En uiteindelijk leidde hij ons ook nog om dat stadje heen, naar een volgende oprit, omdat in het stadje inmiddels het verkeer ook helemaal vaststond. Ach, zei hij: ik kom vaak en graag in Nederland, en word daar altijd heel vriendelijk ontvangen. Heel anders dan in Frankrijk, daar haten ze ons Duitsers nog steeds. 

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!