Marian en Max zijn even weg

Een kleine stad in Albanië

Vol goede moed gingen we op weg. Een half uurtje rijden naar Podgorica, de huurauto inleveren, een taxi naar het busstation, een ritje van twee uur met Flixbus – wat zou er in vredesnaam mis kunnen gaan? Van alles, natuurlijk. Maar eigenlijk viel het mee. Geen al te druk verkeer naar en in Podgorica, een vriendelijke dame die na het afgeven van de autosleutels graag een taxi voor ons belde, een weinig spraakzame chauffeur die ons op het juiste adres afzette – dat ging voorspoedig. Dat het busstation weinig faciliteiten bood en er ook nauwelijks gecommuniceerd werd over waar onze bus zou komen en hoelang het zou duren toen hij er niet op de aangekondigde tijd was – ach, op dat moment was het wat minder aangenaam, maar uiteindelijk vielen die veertig minuten best mee. En dat de bus al bijna vol zat en we alleen op de achterbank een plaatsje konden vinden: het droeg bij aan het schoolreisjesgevoel, net als het feit dat het gros van onze medereizigers nog maar net de schoolgaande leeftijd ontgroeid was. En eigenlijk viel ook het oponthoud bij de grens met Albanië erg mee: van bus wisselen (waardoor we een betere plaats wisten te veroveren), lopend de grens over en twee keer met 80 man stuk voor stuk ons paspoort tonen en een stempel krijgen – terugkijkend was het eigenlijk best goed te doen, ondanks de hoge temperatuur. En we kwamen maar een uur later dan gepland aan in Shkodër, onze volgende halteplaats.

Een interessante stad. Bij het binnenrijden viel ons allereerst de grote hoeveelheid fietsers op, en de aanwezigheid van fietspaden (waar die er niet waren gebruikten fietsers gewoon de hele rechterbaan, die door automobilisten dan weer vooral gezien werd als extra parkeerstrook voor als ze “even” iets in een winkel of restaurant moesten halen). De bushalte waar we met de andere passagiers voor deze stad eruit moesten, lag -dat hadden we al uitgezocht- op een paar honderd meter van ons appartement. Net aan de andere kant van een grote rotonde die -op zaterdagmiddag om vier uur- best rustig was. Het gebouw bleek een redelijk nieuwe flat, net een stukje achter een andere die direct aan de rotonde lag en die dus vrijwel alle verkeersgeluid opving. Beneden een kleine supermarkt, andere winkels en restaurantjes in de omgeving. Een prima ligging dus, en eigenlijk verder ook heel goed. Ruim, goede bedden, airco – wij waren tevreden.
Het eten, wat later op de avond, bij een van die restaurantjes, aan een tafeltje op het trottoir, beviel zo goed dat we er de volgende gewoon weer naartoe zijn gegaan. Niet alleen uit gemakzucht, maar ook omdat we inmiddels hadden gezien dat het door veel (buitenlandse) bezoekers werd aanbevolen, en dat de andere restaurants in de buurt niet veel meer te bieden hadden. Nou ja, probeer “Vaders rijst”(geserveerd met goulash, witte bonen in tomatensaus en een goed kruide hamburger) of “Moeders gehaktballen” (in een pikante saus) maar eens te overtreffen.
De buurt waarin we zaten bleek trouwens het centrum van de stad te zijn: een paar moderne woonflats, hotels en bankgebouwen, afgewisseld met de oorspronkelijke bebouwing (een of twee verdiepingen, vaak met een tuintje eromheen dat dan weer hoog ommuurd was). Ook twee wat bredere boulevards die uitkwamen op de rotonde bij ons appartement, en de enige voetgangersstraat van de stad, met daaraan vooral restaurants en toeristische winkels. Plus: een Franciscaanse kerk en klooster, een grote moskee en een standbeeld van moeder Teresa (oorspronkelijk afkomstig uit Albanië), gebroederlijk naast elkaar. Zoals ook nonnen in habijt en hoofddoek gezusterlijk opliepen met dames in vergelijkbare maar toch onmiskenbaar islamitische dracht. Het was eigenlijk een beetje moeilijk om de buurt te “lezen”, dus toen we tijdens een avondwandelingetje in een straat terecht kwamen die ons steeds verder van een van de hoofdstraten voerde en waar op een gegeven ogenblik niemand anders meer was, voelden we ons toch wat minder op ons gemak – tot we ineens weer op een van de boulevards stonden en zagen hoe vrouwen van alle leeftijden daar alleen over straat gingen, en groepjes jongeren vrijwel ontbraken.

Omdat we aan een ruime dag in Shkodër wel genoeg dachten te hebben -en dat bleek ook te kloppen- hadden we afgesproken dat onze huurauto op maandagochtend bezorgd zou worden. Een luxe waar we normaal gesproken niet voor kiezen, maar bij het platform Rent from locals zat dat in de prijs voor een boeking van Shkodër naar Tirana inbegrepen. Een interessant concept, trouwens: je kiest op deze site de exacte auto die je wilt -en dus niet “in de categorie C, D” of wat dan ook- en dat blijkt de auto van een particulier te zijn (die hem in dit geval zelf kwam brengen en met de bus terugreisde). Omdat het begrip huisnummer in grote delen van Albanië onbekend is, hadden we ons wat zorgen gemaakt of dat wel goed zou gaan, maar het pleintje voor het theatertje naast onze flat bleek voldoende beschrijving. Jammer weer wel dat letterlijk vijf minuten nadat we de sleutel in ontvangst hadden genomen -we zaten even een kopje koffie te drinken op een terrasje- er een politiewagen arriveerde waarna voor we het in de gaten hadden alle auto’s op het pleintje een parkeerbon kregen. Duizend Lek! Een voorbijganger was zo vriendelijk ons te vertellen dat we die konden betalen op het postkantoor, maar daar kregen we een half uurtje later, na een flinke tijd in de rij, een letterlijk “computer says no”-moment: hij zat nog niet in het systeem, of we morgen terug wilden komen.

Dat hebben we niet gedaan (er bleek nog een andere optie), en we zijn gewoon vertrokken naar onze volgende bestemming: een pension / camping in een klein dorpje in de bergen, een kilometer of 50 van Shkodër. We hadden al gelezen dat de weg daar naartoe recent opnieuw geasfalteerd was, maar dat hij zo mooi en breed zou zijn als hij bleek te zijn, hadden we niet verwacht. De reis verliep dan ook voorspoedig (nou ja, we deden er wel anderhalf uur over), zodat we mooi op tijd waren voor een opmerkelijke lunch in een nog niet zo lang bestaand restaurantje: alweer klassieke streekgerechten met een moderne twist, weliswaar niet bereid door een kok uit een sterrenrestaurant, maar toch goed. De kamer waar we verbleven was ok voor een nacht, met als bonus een badkamer die zo was ingericht dat we ons elke keer dat we ons door de deur wurmden, gelukkig prijsden met ons relatief slanke postuur.
De rest van de middag hebben we buiten doorgebracht, aan een tafeltje op de camping waar later ook ons avondeten werd geserveerd. Bereid door de uitbaatster, die de volgende ochtend ook een zeer uitgebreid ontbijt verzorgde. En waarom dat al om half acht gebeurde, vertellen we in ons volgende blog.

Reacties

Reacties

Jeannette

Spannend tot het einde!

Micheline

Wat zijn jullie actief.
Heel leuk !!!!

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!